Weerspreuken


In de Lage Landen horen bij deze maand de volgende weerspreuken:

Juniregen is Gods zegen. Komt zonneschijn daarbij, dan maakt hij boer en stadslui blij. Een boon in juni geplant, geeft vijftig in een hand.

De eerste juni kil en wak, brengt veel koren in de zak.

Juni met veel donder, brengt de oogst ten onder.

Waait in juni de noordenwind over het land, dan krijgt de boer veel koren in z`n hand.

Is de juniavond mistig, dan het weer met gaven kwistig.

Juni vochtig en warm, dan maakt ze de boeren niet arm.

Is er in juni pas zonneschijn, dan wordt de zomer klein maar fijn.

Niet te koel, niet zwoel, niet te nat, en niet te droog, juni vult de schuren hoog.